Tagarchief: douane

Mijn tweede chef, Schiphol, deel 3

AEMW - Ruud Breems temidden van collega's bij Vanguard BEA herfst 1970 Scan10651Mijn werk voor chef Ruud speelde zich af tussen 1965 en 1977. In de laatste jaren van mijn activiteiten daar maakte ik carrière. Op een wonderlijke manier. Ruud Breems was een echte verkoper als het er op aankwam en hij reisde door de hele wereld rond om handel binnen te halen.

AEMW - Hoogewerff bestellers Scan10650Zo kregen we een stevige voet tussen de deur op het gebied van transporten van en naar Hong Kong maar kreeg hij op enig moment ook een contract voor de chartering van vluchten naar Lagos in Nigeria. En dat hield in dat er allerlei zendingen met lading werden afgestuurd naar onze streken, bij en door ons geconsolideerd en dan doorgestuurd op door ons ingehuurde vrachtvliegtuigen richting Afrika.

AEMW - CL-44D Scan10629Dat hele gedoe had te maken met de havenstakingen in het betrokken gebied, gekoppeld aan een voor de Nigeriaanse kust liggende file schepen van vele honderden stuks, bedreigd door piraten  en de voortdurende corruptie. Bedrijven als Peugeot, Rolex en zo meer wilden hun spullen alsnog veilig in Nigeria bezorgd krijgen en kozen indertijd zo voor de veel duurdere luchtvrachtroute.

AEMW DC-55JT met lading Scan10632Voor mij persoonlijk hield het in dat ik veelvuldig heen en weer reisde tussen Schiphol en Beek (zoals Maastricht/Aachen Airport toen nog heette) en een enkele keer naar Luik. De door ons gebruikte vliegtuigen waren Canadair CL-44’s, DC-8-62CF’s en Boeing 707’s.  Daar kon je een ton of 18-24 vracht op kwijt. Maar belangrijker, als die machines op de grond stonden kostten ze extra geld.

Leo bij beladers MST 1975 - Scan10032En wij wilden ze ook graag voor het avonduur van 11 kwijt, omdat ze anders niet meer mochten opstijgen i.v.m. het ook toen al belangrijke milieu. Dus stressen. Chef Ruud ging vaak mee. Hij was een man die graag controle hield over de zaken, ook al was ik er bij, soms met een tweede teamlid. Soms moesten we dan zelf aan de bak om als kantoormensen te helpen de pallets te beladen die aan boord van die machines moesten worden gebracht.

Leo in actie op MST 1975 Scan10033We werkten de papieren uit, deden de douaneafhandeling en bleven er bij tot de kist van ‘de blokken’ ging. Daarna was het even een afzakkertje en terug naar de hoofdstad.

Leo met Hoogewerff ploeg 1976 Scan10047Helaas bleek dat Chef Ruud wel meer dan een enkel afzakkertje lustte en dat we soms pas om half een in de nacht of zo onderweg konden. Dat gedrag werd sterker naarmate we langer samenwerkten. En dat was in de hoofdkantoren van het bedrijf ook bekend geworden. En dus kwam er onder aandringen van de nieuwe eigenaar, een groot Veembedrijf uit Amsterdam, een zgn. controller in dienst. Die stelde chef en team min of meer onder curatelen, maar zorgde er ook voor dat we lucratieve contracten lieten lopen en ons meer gingen richten op reguliere handel die veel minder opbracht. Voor mij was het onder meer reden om het bedrijf te verlaten.

Fidimo 1975 - Skoda 110R in Container - 211003 - Scan10356Ik zocht al enige tijd een nieuwe uitdaging en die vond ik zelf in het autovak. Als proefwerk stond ik in februari 1977 op de AutoRAI en presenteerde daar met trots de ‘nieuwe Skoda’. Mijn richting werd dus een andere. Chef Ruud hield het nog even langer vol. Maar uiteindelijk kreeg hij de mededeling dat men een andere richting opwilde en moest hij iets anders gaan doen. Jammer, want hij was wellicht de beste en meest vakbekwame luchtvrachtman die in de toenmalige Schipholse wereld rondliep. Veel later, ik had er al een jaar of veertien in de auto’s opzitten, kwam ik hem nog eens tegen. Hij kende me nog wel, maar schudde nog steeds zijn hoofd om die ‘stomme beslissing’ uit de luchtvracht weg te gaan voor dat idiote Tsjechische automerk. Ineens vond hij me een goede vent, vakbekwaam en betrouwbaar. Had hij dat toen maar gezegd. Wie weet hoe mijn carrière dan was verlopen. Hij was toen al op weg naar zijn pensioen. Een goede vent ook, bekwaam verkoper, niet zo’n beste manager. Maar wel een plezierig mens. Ik denk dat hij intussen de engelen wolken verkoopt. Kan hij vast ook. Of hij leert ze allerlei trucjes……

Advertenties

11 reacties

Opgeslagen onder Algemeen, Persoonlijke mening

Mijn tweede chef; Schiphol….

Leo op kantoor Hoogewerff Schiphol medio 1975 Scan10593Als ik mijn extra vakantiebanen en weekendactiviteiten die geld opleverden niet meereken, was mijn tweede chef de man die me op een koude dag in januari 1966 ontving in het kantoor waar ik mijn volgende jaren voor een belangrijk deel zou doorbrengen. Dat kantoor lag verborgen in een oude hangaar op het toenmalige Schiphol en was voor normale mensen onbereikbaar. Het waarom zat hem in het feit dat het toenmalige vrachtplatform een barrière vormde tussen het publiekelijk toegankelijke terrein en die werkplek. Schiphol had toen nog een beperkte omvang en voor nieuwe bedrijven die zich er wilde vestigen maakte men ruimte in oude gebouwen. Vandaar dat wij dus in dat oude kantoor terechtkwamen in die hangaar. Die hangaar was het onderkomen voor het grondmaterieel van Martinair, toen nog Martin’s Air Charter. De vliegtuigen die van en naar de startbaan reden kwamen op 50 meter afstand aan mijn werkstek voorbij.

C46 Fred Olsen - ResizedJe hoorde, zag en rook die kisten uiteraard en als er een van de zeldzame straalvliegtuigen startte kon je maar beter even wachten met telefoneren. Het bedrijf was daar een maand of twee eerder neergestreken en was een filiaal van een statig transportbedrijf uit Rotterdam en Amsterdam. De chef was een man die uit Amsterdam afkomstig was, gepokt en gemazeld in het expediteursvak en overtuigd van de missie in de luchtvracht zoals toen de logistieke wereld nog heette, succesvol te zijn. Het was een tanige man, een jaar of twintig ouder dan ik, en voorzien van een heel goede babbel. Omdat hij meer op had met ‘import’ deed hij dat werk er zelf bij en deelde mij in als expediënt, oftewel de man die de exporten voor klanten moest verzorgen. Dat was leuk werk, want je had constant contact met de luchtvaartmaatschappijen.

Schipholl met Martinair Dove taxying outIn het begin was dat pionieren nog wel aardig. Je werkte overigens meer dan 60 uur in de week en soms nog meer, maar het bedrijf werd letterlijk en figuurlijk uit de grond gestampt. Ik leerde waanzinnig veel van de man. Hij was een echte chef. Streng als het moest, maar ook een leraar als het moest. Zijn persoonlijke bedrijfsauto was ons vervoermiddel, en hij zette me zonder rijbewijs achter het stuur van dat ding en leerde me zo zelfstandig te rijden. Mocht allemaal nog op Schiphol, mits je maar binnen de terreinhekken bleef. Het waren leerzame tijden en mijn gretigheid werd door hem fiks aangewakkerd. Niet in de laatste plaats door de voor mij zeer inspirerende wereld van de luchtvaart. Wat heb ik daar een uurtjes genoten van al die fraaie kisten zeg. Binnen een jaar hadden we trouwens al wat extra mensen in dienst. Een declarant, een chauffeur/vrijmaker en kregen we ook een andere auto ter beschikking. Want er stonden grote dingen te gebeuren. Niet in het laatst de totale verhuizing van het vliegveld Schiphol naar een nieuwe locatie….elders in de polder. Maar daarover later meer….(wordt vervolgd)

11 reacties

Opgeslagen onder Algemeen, Historische mening, Persoonlijke mening

Boekcorrecties

HPIM7873_editedMochten jullie me soms even missen, wat minder commentaren lezen of wat ook, bedenk dan dat ik druk ben. Ik heb het al eens gehad over het boek dat ik samen met een coauteur die vroeger mijn directe chef was schreef. Dat boek staat nu in opmaak op de website van de uitgever en moet door ons als auteurs op vorm en inhoud gecorrigeerd worden. Daar ben je dus wel even mee bezig en we huurden ook nog even wat hulp van buiten in om de laatste punten en komma’s ook nog even op de I te kunnen zetten. Een boek schrijven is vaak 1, het uitgeven is 2, promotie is 3, en verkopen is 4. Wie meent dat een boek maken kinderlijk eenvoudig is, kan ik bij deze dan ook teleurstellen. Het is gewoon hard werken, zeker als je het goed wilt doen. En dat willen wij.

Ponboek - IMG_5591Het onderwerp is er naar, de voorbereiding en schrijftijd nam heel wat maanden in beslag en als je de tijden daarbij optelt dat we overlegden over de richting of de gesprekken met (in)direct betrokkenen mag het boek wel een verkoopprijs kennen van 100 Euri per stuk. Maar dat is uiteraard onhaalbaar, het wordt in dat opzicht een verrassend koopje. Hoe dan ook, corrigeren geblazen dus, herlezen, nog eens, en nog eens. Tot je het verhaal zowat woord voor woord uit je bol kent. Herkenbaar. Bladen maken gaat eigenlijk op dezelfde wijze en dat heb ik ook vele jaren lang gedaan. Onlangs haalde ik uit mijn oude archieven wat dozen vol uitgaven waar ik me in de jaren zestig en zeventig al mee bezig hield.

Pon VW RAI Stand 1967 - foto Oud AmsterdamVeelal uit de wereld van de gevleugelde vrienden. Zoals daar was het blad van de Schipholse douane dat onder de fraaie titel ‘Schiphol Fiscus’ maandelijks verscheen en in die jaren nog werd gestencild. Het ging naar alle douanemensen op de luchthaven en omgeving, dus nog best een aardige oplage in die jaren, en men vroeg mij indertijd om wat op papier te kakelen over vliegtuigen en aanverwante zaken. ‘If you can’t beat them, join hem’, met dit als pragmatisch uitgangspunt schreef ik me dus elke maand de vingers blauw op een stencilvel en leverde dit bij de redactie van dat blad aan. Het bracht me later veel goeds, want al snel kon ik ook voor een ander magazine  in het vakgebied waar ik toen actief was, schijftechnisch aan de slag. Dat is een ander verhaal wellicht, maar leverde me de nodige extra ervaring op schrijfgebied. Daarover mijmerde ik al eens eerder. Geen tijd meer voor dat mijmeren, boek moet klaar. Dus mocht u me missen, ik ben lief en nuttig bezig…..nog wel…..!

11 reacties

Opgeslagen onder Algemeen, Culturele mening, Persoonlijke mening

Mistige anekdote..

Mist, nu al dagen lang hetzelfde gebrek aan uitzicht vanuit mijn kantoorkamer. Ik ben al blij als ik de overkant van ons hofje kan zien, over gebouwen en andere uitzicht bepalende zaken heb ik het maar helemaal niet meer. Zelfs de Arena is niet te zien en dat lijkt op zich niet zo erg gezien de soap die zich daar dezer dagen afspeelt. Maar die heftige mist doet me terugdenken aan een periode waarin we ook eens in zo’n hardnekkig mistveld verzeilden en dagenlang te maken hadden met gestremde vliegverbindingen. Net als nu vielen op Schiphol, mijn toenmalige werkplek, de vliegtuigen bij bosjes uit. Maar de economie draaide nog wel door. En zo kwam er bij het bedrijf waar ik toen mijn exportwerkzaamheden verrichte een ‘spoedzending’ binnen die absoluut moest worden doorgevoerd naar Antwerpen. Opdrachtgever was Bayer, niet de kleinste van alle Europese bedrijven, en het onderdeel dat wij hadden ontvangen bleek een afsluiter die een kilo of honderd zwaar was. Maar het was een relatief compact ding. Goede raad was duur. De ontvanger zat er om te gillen, en wij waren als bedrijf zeer servicegericht. Dus we zouden hem met de privé-auto van mijn toenmalige chef even gaan brengen. Dat was een man die altijd in was voor een lange rit, hij ging indertijd ‘zelfs’ met de auto op vakantie naar Zwitserland. Dat was best ver met de toenmalige auto’s. Zijn bedrijfsvervoer was een Ford Taunus 15MRS. Een auto die weliswaar snel was maar waarvan de verlichting niet bepaald kon worden vergeleken met wat we nu meevoeren op onze vierwielers. De dichte mist bleek tot aan Utrecht wel mee te vallen, 100-200mtr zicht soms en dan kan je nog wel enig tempo aanhouden. Maar toen we richting Breda gingen werd het al snel vijftig meter of minder. Het tempo werd steeds lager, het was intussen een uur of negen in de avond, en je zag echt geen hand voor ogen. Toen we de grote rivieren passeerden wisten we werkelijk niet of we over een brug reden of over de daken van de huizen, je zag werkelijk niets. Reden we nu links of rechts van de weg? Ik overdrijf niets als ik stel dat we net vijf meter zicht hadden op zeker moment en van enige navigatie was al nauwelijks sprake meer. Toch worstelden we ons langs de regionale Brabantse wegen naar Wuest-Wezel waar je toen nog langs de douane moest. Het stuk lading moest worden bekeken en het bijbehorende document gestempeld. Het oponthoud bij de grens was wel even lekker. Men had zelfs een koffieautomaat en dat spul kwam erg van pas. Daarna moesten we door naar de industrieterreinen van Antwerpen. Alsof iemand aan de gordijnen morrelde, het  zicht werd ‘beter’ we hadden weer250 meterof zo om vooruit of opzij te kijken. Bayer werd gevonden, ‘Baas Ruud’ was een prima navigator. Het enorme stuk lading werd gelost en wij togen opgelucht weer terug op weg naar huis. Het was inmiddels middernacht. Opvallend was wel dat we meer licht op de weg hadden dan op de heenreis. Logisch, want met 100kilo lading in de kofferbak hadden die koplampen eigenlijk constant naar de hemel geschenen. Toch stonden we soms best doodangsten uit als we weer eens helemaal niets zagen en op de tast terugreden naar huis. Om een uur of half drie lag ik uiteindelijk in mijn Amsterdamse bedje. Een avontuur was afgesloten. Mist is verraderlijk, maar wie zijn hersens gebruikt en ogen goed de kost geeft komt veilig op zijn plek van bestemming. De volgende dag was het op Schiphol weer een beetje normaal geworden. De mist waaide weg, het begon te stormen en we vergaten die mistige rit naar het zuiden al snel. Tot dezer dagen soortgelijke omstandigheden zich openbaarden en een lange rit een dezer dagen staat ingepland. Van mij mag het gaan stormen nu……

11 reacties

Opgeslagen onder Culturele mening, Persoonlijke mening